Het is heerlijk om je kind mee naar buiten te nemen. Hoe doe je dat veilig?
Dragen
- Al na een week kun je je baby meenemen in een draagdoek. Daar kan hij in liggen. Ook een kleine en niet zo stevige baby kan er al na een week in.
- Vanaf 6 weken kan je baby in een draagzak. Hierin hangt je baby. Let op dat zijn hoofdje, rug en heupen genoeg steun krijgen.
- Draag je baby nooit onder een dichte jas. Dan krijgt hij het te warm.
Draag je kind niet in een draagzak of draagdoek als je:
- aan het koken bent;
- in de auto zit;
- op de fiets zit;
- gaat sporten of skaten.
Kies de wagen die bij je past:
- Reis je veel met je baby in de auto, met de bus of met de trein? Dan is een licht wagentje handig.
- Een zwaardere wagen is geschikt om lekker mee te wandelen. Of om lopend boodschappen mee te doen.
- Een kinderwagen heeft een platte bak. Daar kan je baby tot ongeveer 6 maanden in liggen. In de kinderwagen ligt je kind veilig. Goed beschermd tegen te veel licht en schokken.
- In een wandelwagen kan je kind als hij kan zitten.
- In de wandelwagen of buggy zet je je kind altijd vast met een gordel of tuigje.
Denk aan de volgende eisen:
- Je wagen moet stabiel staan.
- Er moet een rem op zitten die minstens 2 wielen afremt.
- Je moet de rem gemakkelijk kunnen gebruiken.
Je baby kan nog niet zitten. Zo neem je hem veilig mee op de fiets:
- In een fietskar of bakfiets: maak een babyautostoeltje of babyschelp stevig vast in de bak of in de kar.
- Achter op de fiets: zet een babyautostoeltje met een speciale drager op je fiets vast.