Als je kind met andere kinderen speelt, dan leert hij ook dingen over zichzelf. Door de reactie van de andere kinderen ontdekt hij wat ze wel en niet leuk aan hem vinden. Door te spelen leert je kind:
- samenwerken;
- rekening houden met een ander;
- onderhandelen;
- ruzies oplossen.
Tussen 9 en 12 jaar is je kind vaak buiten om met andere kinderen te spelen. Je kind leert dan om met andere kinderen om te gaan zonder dat jij erbij bent. Hij leert om echte vrienden te hebben. En komt je kind bij een vriendje thuis? Dan leert hij om zich aan te passen aan een situatie die heel anders is dan bij hem thuis.
Je kind kan nu al hechte vriendschappen krijgen. En hij wil jongere kinderen waarschijnlijk graag beschermen.
Rond 6 jaar spelen meisjes het liefst met meisjes. En jongens met jongens. Pas rond 12 jaar worden kinderen van het andere geslacht interessant. Maar ze weten nog niet goed hoe ze met elkaar om moeten gaan. Jongens en meisjes zijn dan vaak verlegen tegenover elkaar.
Als je kind moeilijk contact maakt
Vindt je kind het moeilijk om contact te hebben met zijn leeftijdsgenoten? Dan is hij misschien niet populair bij zijn klasgenoten.
Vind je dat je kind moeilijk contact maakt met andere kinderen? En doet hij dat slechter dan zijn leeftijdsgenoten? Neem dan contact op met de JGZ-verpleegkundige. Er zijn ook goede cursussen die je kind helpen om beter te worden in sociaal contact. Bijvoorbeeld de Kanjertraining.