Voor een peuter is het interessant om op onderzoek uit te gaan. Hierdoor wordt het kind steeds zelfstandiger.
Voor ouders betekent dit vaak de hele dag achter het kind aanrennen om te voorkomen dat het zich bezeert of iets stuk maakt. Een peuter ziet zelf namelijk vaak nog geen gevaar.
Ook krijgt het kind krijgt een eigen wil en kan het erg boos worden als iets niet lukt of mag. Omdat peuters nog niet goed kunnen verwoorden wat er door hen heen gaat, zullen ze dit op een andere manier uiten. Het kind kan gaan gillen, slaan, schoppen of bijten. Dit hoort er allemaal bij.
Daarnaast leert een kind in de peuterperiode samen spelen en fantaseren. Bovendien begint het zindelijk te worden.
Lees hier alles over de ontwikkeling van een peuter.