Veel ouders geven hun kind zakgeld en/of kleedgeld. Dan leren ze zelf te kiezen. Dit is goed. Als hij jong leert hoe hij met geld om moet gaan, dan is de kans kleiner dat hij later schulden maakt. Je kunt al beginnen met zakgeld geven als je kind 6 jaar is. Je begint met een klein beetje zakgeld.
Zakgeld is:
- geld dat je kind krijgt op een vast tijdstip (bijvoorbeeld elke zaterdag);
- elke keer hetzelfde bedrag wat je kind krijgt;
- niet om te straffen of te belonen.
Hoeveel zakgeld je geeft, hangt van jezelf af. Hoeveel geld heb je jezelf? En wat moet je puber allemaal betalen van dat zakgeld? Zijn buskaart, zijn benzine en iets te drinken tijdens het sporten? Hoort dat erbij of niet?
Je vindt op de website van het Nibud een tabel waarin staat hoeveel zakgeld je kunt geven. Je leest op deze website ook hoeveel geld pubers nodig hebben voor kleren en andere dingen. Je kunt ook tegen je puber zeggen dat hij een deel van het zakgeld moet sparen. Met het andere deel mag hij dan doen wat hij wil.
Tips
- Spreek duidelijk af wat hij met zijn zakgeld moet doen.
- Spreek af dat hij met jou overlegt als hij veel geld wil uitgeven.
- Praat over reclame en wat dat met je doet. Pas op dat hij niet verleid wordt door reclame.
- Leer hem sparen voor een doel. Bijvoorbeeld: een vakantie of een eigen computer. Je kunt samen een bedrag bedenken dat hij moet sparen. Als hem dat lukt, kun je het ook verdubbelen. Dan krijgt je kind er nog meer zin in om te sparen.
- Geef het goede voorbeeld! Laat zien dat je niet alles maar kunt kopen, maar dat je erover nadenkt. Dan is de kans groter dat je puber dat later ook doet.
Kleedgeld
Kleedgeld geven is goed. Dan kan je kind leren wat kleding kost. En hij kan zelf keuzes maken.
Tips
- Wil je kind dure merkkleding? Laat hem dan zelf het geld verdienen. Of een deel. Dan begrijpt hij beter hoe duur deze kleding is.
- Wil je meer lezen over zakgeld en kleedgeld? Kijk op de website van het Nibud.